 |
TERPEN IN FRIESLAND
Sinds de vroegste overleveringen is de mens in gevecht geweest met het water als het gaat om het koloniseren van kustgebieden. In de tijd dat men nog niet de middelen en het collectivisme bezat om dijken te bouwen beschermde de mens have en goed tegen overstromingen door middel van het ophogen van zijn nederzettingen. Talloze van deze ophogingen kan men in het noord-Nederlands kustgebied vinden waar ze bekend staan als terpen. Ook zijn er lokale benamingen zoals wierde, werf en warf die in veel plaatsnamen zijn terug te vinden.
Om te weten hoe het nu eigenlijk zit met de allereerste terpen die in Friesland werden gebouwd (meer dan 2500 jaar geleden) moeten we misschien eerst nog wat verder terug in de tijd. Zo'n tienduizend jaar geleden, na de laatste ijstijd die wij kennen, begon de aarde opnieuw op te warmen. Een bijkomend verschijnsel was uiteraard een zeespiegelstijging vanwege het smelten van de ijsmassa's. Deze aanvankelijk snelle zeespiegelstijging (die ook momenteel nog doorgaat) ging echter niet altijd even geleidelijk. Vanaf ca. 1200 v. Chr., in de bronstijd, trad er een vertraging op in deze stijging. Wat betreft Friesland had dit als gevolg dat er langs de regelmatig aan overstromingen onderhevige kustgebieden langzamerhand meer materiaal werd afgezet dan door het water weer werd meegenomen. Op deze manier onstonden redelijk goed ontwaterde kwelders.
Op grond van bodemkundig onderzoek weet men dat de eerste kolonisten dit gebied rond 600 v. Chr. begonnen te bevolken. Men vermoedt dat deze eerste bewoners afkomstig waren van de Drentse zandgronden waar de omstandigheden behoorlijk waren verslechterd door intensief grondgebruik die oa zandverstuivingen tot gevolg hadden. De inmiddels vruchtbare weidegronden langs de friese kust vormden uiteraard een aantrekkelijke plaats om zich te vestigen. Echter, ook in dit wat rustiger tijdvak wisselden periodes van overstromingen en periodes waarin het land grotendeels droog lag elkaar af. Omstreeks het jaar 550 v. Chr. brak er opnieuw een zogenaamde transgressie periode aan, een tijd waarin grote gebieden regelmatig overstroomden. Hoewel de bewoners van dit gebied als vestigingsplaats vaak al bestaande natuurlijke hoogtes uitkozen zoals kwelderruggen en oeverwallen woonden er in de beginperiode van kolonisatie veel mensen op maaiveldniveau. Lang niet iedereen slaagde er dus in om de voeten droog te houden wanneer het water, voortgestuwd door storm en hoog tij, de landerijen binnendrong. velen sloegen op de vlucht voor het water, anderen weigerden kennelijk have en goed te verlaten en hoogden hun nederzettigen op met mest en kwelderzoden tot langzaam maar zeker hoogtes van soms bijna tien meter werden bereikt. Hiermee was de eerste generatie terpen een feit. Vanaf ca. 200 v. Chr. breidde de kolonisatie van het gebied zich steeds verder uit zodat rond het begin van de jaartelling reeds een aantal dichtbevolkte gebieden waren ontstaan. De tweede generatie terpen onstond tijdens de zogenaamde laat-romeinse transgressieperiode, ca. 250 tot 600 na Chr. De bewoning in het gebied liep weer terug. Niet alleen werden in deze tijd nieuwe terpen gebouwd, ook bestaande terpen werden verder opgehoogd in verband met zeespiegelstijging en bodemdaling. Nog een derde generatie terpen kwam tot ontwikkeling toen in de zevende eeuw de bewoning van het kustgebied weer toenam. Na het jaar duizend vormde zich door verdere kolonisatie nog een laatste generatie terpen ondanks het feit dat men in deze periode reeds begon met de aanleg van dijken. Rond de twaalfde en dertiende eeuw was het stelsel van zeedijken inmiddels dermate uitgebreid en betrouwbaar dat vanaf dat moment de agrarische bedrijven langzamerhand verhuisden van de terpen naar het open veld. Tot aan het einde van de vorige eeuw zijn de meeste terpen in hun volle omvang blijven liggen. Daarna zijn veel terpen geheel of gedeeltelijk afgegraven omdat er een levendige handel ontstond in terpaarde, die zeer vruchtbaar bleek te zijn.
Niet alleen zijn terpen een karakteristieke verschijning in het Friese landschap, ze bevatten tevens een schat aan informatie omtrent de de historie van de provincie. Omdat vanwege de continue zeespiegelstijging ook de bestaande terpen voortdurend moesten worden opgehoogd ontstonden op die manier in de loop der honderden jaren vele lagen in zo'n terp die elk hun eigen verhaal vertellen over een bepaalde periode. De duizenden oudheidkundige voorwerpen die in de loop der jaren in deze lagen zijn opgegraven hebben dan ook een belangrijke rol gespeeld bij het reconstrueren van de vroege geschiedenis van Friesland en zijn bewoners. Van de vroegste terpencultuur, in de zogenaamde voor - romeinse tijd, zijn fraaie grijze en zwarte potten met geometrisch ornament gevonden en bronzen mantelspelden. Veelvuldig opgegraven is het zogenaamde vroeg - Friese vaatwerk met gekartelde randen uit de eerste eeuw na Chr. en meer gladder afgewerkt vaatwerk uit de periode tot vierhonderd jaar na Chr. Tal van andere alledaagse gebruiksvoorwerpen uit de terpencultuur zijn te bezichtigen in het Fries Museum te Leeuwarden zoals allerlei bronzen en ijzeren gereedschappen, wapens en sieraden. Ook veel van hout en been gemaakte gebruiksvoorwerpen, speelgoed, zelfs een paar schaatsen. Ook de romeinse bezetter heeft zijn sporen achtergelaten getuige de talloze opgegraven bronzen beeldjes, de bekende geloftesteen voor de godin Hludana aan de rand van de voormalige Middelzee te Beetgum en het schrijftafeltje van Tolsum, tentoongesteld in het Fries Museum.
Hoewel een bezoek aan het Fries Museum een uitstekende manier is om een beeld te krijgen van het leven van de terpbewoners is het natuurlijk ook heel interessant om eens een terp in levende lijve te beklimmen. Dit is bij uitstek mogelijk in een gemeente als Ferwerderadeel waar men zelfs rondleidingen organiseert langs de diverse terpdorpen. De hoogste terp van Nederland ligt tevens in deze gemeente, de "Terp Hogebeintum". Deze terp, die uit de vijfde eeuw v. Chr. dateert, bereikt een hoogte van bijna negen meter boven de zeespiegel. Vanwege de afgravingen is er nu nog een steil maar karakteristiek gedeelte over. De vele voorwerpen die zijn gevonden in deze terp zijn in een jaarlijks wisselende expositie in Hogebeintum te bezichtigen. Ook bijzonder is de boven op de terp gebouwde kerk, vervaardigd uit vulkanisch gesteente uit het Eifelgebergte. Informatie over rondleidingen in deze gemeente en bezoekerstijden voor Hogebeintum met zijn eigen museum is te verkrijgen bij het VVV te Ferwerderadeel.
|